Ragetlie-regel

21

Wanneer eindigt arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd?

Eindigt de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die de partijen aansluitend op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd hebben gesloten van rechtswege op de overeengekomen datum of is hiervoor toestemming van het UWV WERKbedrijf vereist? Deze vraag diende de Hoge Raad recent te beantwoorden. De volgende feiten zijn van belang.

De werknemer was tot 1 september 2007 op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd werkzaam bij een stichting in de functie van algemeen directeur en bestuurder. Per 1 september 2007 is deze stichting samengegaan met een andere rechtspersoon, als gevolg waarvan de functie van werknemer is komen te vervallen. Werknemer is per 1 september 2007 op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur 10 maanden in dienst getreden van de nieuwe rechtspersoon als adviseur van de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht. Per 1 juli 2008 beschouwde de werkgever de arbeidsovereenkomst van de werknemer als van rechtswege geŽindigd. De werknemer was van mening dat de arbeidsovereenkomst als een voorgezette arbeidsovereenkomst moest worden beschouwd zodat voor opzegging toestemming van het UWV WERKbedrijf vereist was.

De werknemer deed een beroep op de in artikel 7:667 lid 4 BW vastgelegde Ragetlie-regel. Deze regel houdt in dat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die de voortzetting vormt van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd niet van rechtswege eindigt op de einddatum, maar slechts kan worden beŽindigd met toestemming van het UWV WERKbedrijf. Voor toepassing van de Ragetlie-regel dient te zijn voldaan aan drie voorwaarden:

  1. De arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is anders dan door rechtsgeldige opzegging of door ontbinding door de rechter geŽindigd.
  2. De arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is een voortzetting van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, zodat de identiteit van beide arbeidsovereenkomsten hetzelfde is.
  3. De arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is binnen een termijn van drie maanden na beŽindiging van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangegaan.

In onderhavige zaak was aan de tweede voorwaarde niet voldaan. De werknemer ging als adviseur immers een geheel andere functie vervullen dan de functie van bestuurder, zodat de identiteit van beide arbeidsovereenkomsten niet hetzelfde was gebleven. De arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd eindigde derhalve van rechtswege.

Bij een voortgezette arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd speelt vaak de vraag of deze arbeidsovereenkomst van rechtswege kan eindigen of dat de Ragetlie-regel daaraan in de weg staat. In bovengenoemde zaak is nog eens bevestigd aan welke voorwaarden voldaan moet zijn wil een beroep op de Ragetlie-regel kans van slagen hebben. Voor zowel de werkgever als de werknemer is het van belang deze voorwaarden in ogenschouw te nemen bij voortzetting van de arbeidsrelatie na een contract voor onbepaalde tijd.

Komt u er met uw werkgever of werknemer niet uit? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. Met het juridisch advies van Precise and Wise Juristen staat u juridisch sterker in uw recht.

Terug naar juridisch nieuws

Geschreven door: Mark Fluitman







Google