Beoordeling asielaanvraag homoseksuele moet anders

111

Kijken naar risico op vervolging

De Raad van State heeft op 18 december 2013 in drie zaken geoordeeld dat staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Fred Teeven bij asielaanvragen van homoseksuele vreemdelingen voortaan moet onderzoeken of vreemdeling in de toekomst aan zijn homoseksualiteit bij terugkeer naar het land van oorsprong vorm kan geven, in die zin dat wordt onderzocht of de betreffende homoseksuele vreemdeling in het land van herkomst in vrijheid zijn geaard kan uiten.

In de bedoelde drie zaken ging het om drie homoseksuele mannen uit Senegal, Uganda en Sierra Leone aan wie de staatssecretaris had geweigerd een asielvergunning te verlenen. Bij de beoordeling van deze drie asielaanvragen voor een asielvergunning was alleen gekeken naar de verklaringen over gebeurtenissen van de betreffende vreemdeling in het land waar zij vandaan kwamen.

Echter zal de staatsecretaris nu door deze drie uitspraken van de Raad van State moeten nagaan of er risico voor vervolging is voor de betreffende homoseksuele vreemdeling vanwege zijn homoseksuele geaardheid. Daarbij geeft de Raad van State ook aan dat de staatssecretaris niet langer terughoudendheid van de homoseksuele geaardheid van de vreemdeling mag verlangen, in die zin dat de vreemdeling zijn homoseksualiteit niet of zo goed als niet naar voren moet laat komen.

Om een antwoord op de vraag van het te lopen risico op vervolging te krijgen, zal de staatssecretaris van de Raad van State onder meer moeten onderzoeken of homoseksualiteit in het land van herkomst een strafbaar feit is en hoe in de straf op homoseksualiteit in de praktijk wordt toegepast. Daarnaast dient te worden onderzocht of homoseksuele vreemdelingen in hun land van herkomst bescherming kunnen vragen van de overheid.

PrejustitiŽle vragen aan Europees Hof van Justitie

De Raad van State had ten aanzien van het bovenstaande onderwerp in april 2012 prejustitiŽle vragen gesteld aan het Europees Hof van Justitie. Door de Raad van State werd gevraagd hoe zij de zogenoemde Europese Definitierichtlijn, waarin voor de lidstaten van de Europese Gemeenschap minimumnormen zijn opgenomen voor bescherming van vluchtelingen, moesten interpreteren.
Het Europees Hof van Justitie in Luxemburg bepaalde daarop eind november 2013 dat lidstaten van de Europese Gemeenschap niet van vreemdelingen mogen verwachten dat zij in hun land van herkomst hun seksuele geaardheid geheim houden of zich terughoudend opstellen om het risico op vervolging te vermijden.

Asielaanvraag opnieuw beoordelen

Door de uitspraken van de Raad van State moet de staatssecretaris de drie asielaanvragen van de drie homoseksuele vreemdelingen opnieuw beoordelen. Logischerwijs hebben genoemde uitspraken ook gevolgen voor de wijze waarop de staatssecretaris asielaanvragen van lesbiennes, biseksuelen, transseksuelen en interseksuelen beoordeelt.

Uitspraken:
ECLI:NL:RVS:2013:2422
ECLI:NL:RVS:2013:2423
ECLI:NL:RVS:2013:2424

Terug naar juridisch nieuws

Geschreven door: Mark Fluitman







Google